Sophie Labelle – Canadese cartoonist

Tekst Nour Anne Abdullah

Cartoonist Sophie Labelle heeft veel volgers op social media. Ook ik volg Sophie en haar werk al jaren met veel plezier. Toen ik hoorde van haar plannen voor een Europese tournee, greep ik mijn kans en vroeg ik of ik haar mocht interviewen als zij Nederland aandeed. We hielden contact tot de dag van het evenement, dat georganiseerd werd door The Feminist Club Amsterdam.

Voor mij was het spannend om Sophie in het echt te ontmoeten; ze is een charismatische persoonlijkheid, en iemand die veel mensen heeft geïnspireerd, vooral transgender personen. Sophie is zeer actief in de transgenderrechtenbeweging, en spreekt gedreven en met scherpe humor over onderwerpen als transgeschiedenis en transfeminisme.

Strip

Sophie werd in 1987 in het Franstalige Quebec in Canada geboren, en was al op jonge leeftijd een activist voor transgenderrechten. Als kunstenaar heeft ze een eigen vorm van activisme ontwikkeld, door de wereld met haar tekeningen te tonen dat ‘trans-individuen getalenteerd zijn, en goeie grappen kunnen vertellen’. Haar werk gaat in op kwesties als gendernormen en ‘de bevoorrechte positie van witte cisgenders in de Westerse samenleving’. Assigned Male is de titel van Sophies online strip en reeks zines (in eigen beheer uitgegeven magazines). Hoofdpersoon van Assigned Male is de elfjarige Stephie, een (blanke) transmeid die haar transgender-zijn verkent en omarmt, tegen de verwachtingen in.

Assigned Male kun je vertalen als ‘toegewezen mannelijk’, en is een kritische knipoog naar het toewijzen van een geboortegeslacht (mannelijk of vrouwelijk) aan pasgeboren baby’s. Deze toewijzing klopt, zoals we weten, lang niet altijd. Ook de ‘M’ die Sophie werd toegedicht, bleek niet juist te zijn. Sophie is er helder over: zij is een ‘trans girl’. Op haar zijn de vrouwelijke voornaamwoorden van toepassing. ‘Ik prefereer ze niet, zij horen eenvoudigweg bij mij’, aldus Sophie.

Hoe het begon

Op zevenjarige leeftijd trad Sophie toe tot de striptekenclub van haar oudste broer. De stripverhalen gingen over leraren en schoolavonturen, en werden een lokaal succes. Nadat de club ophield te bestaan, besloot Sophie – op dat moment dertien – door te gaan met tekenen, wat uiteindelijk resulteerde in strips over gendergerelateerde onderwerpen en queerness.

Sophie werd een activist bij lhbt+-jongeren- en schoolverenigingen. De ervaringen die ze deelde met haar queeractivistische vrienden, inspireerden haar om de eerste versie van Assigned Male online te publiceren. De allereerste publicatie op Tumblr was in het Frans: Assignée garçon; kort daarna verscheen de Engelse versie.

Het was 2014 en Sophie volgde de lerarenopleiding. Zij stoorde zich aan een gebrek aan representatie van transgender jongeren in culturele uitingen en educatief materiaal. Dit motiveerde haar om tieners als de hoofdfiguren van haar strips te kiezen. ‘De maatschappij is gebaseerd op cisgenderisme en heteroseksualiteit, wat ons het idee opdringt dat elk kind dat geboren wordt, uiteindelijk cis en straight wordt’, aldus Sophie.

 

Tegen de tijd dat haar werk beroemd werd, waren Sophies tekenkwaliteit- en storytellingvaardigheden flink ontwikkeld. ‘Toen ik pas begon met het tekenen van Assigned Male, verwachtte ik niet dat het veel aandacht zou krijgen. Als ik had geweten dat mijn werk zo bekend zou worden, had ik het qua verhaallijnen en tekenstijl zorgvuldiger aangepakt. Maar ik had nog niet alle knowhow en beschikte ook niet over de juiste digitale tools’.

Door de tijd heen werden haar strips volwassener, artistieker en de grappen werden beter. ‘Alleen al het feit dat mensen mijn stripboeken aan het lezen waren, zorgde ervoor dat ik harder werkte om mijn comics beter te maken’.

Publieke reacties

Sophie heeft fans over de hele wereld, en wordt uitgenodigd voor allerlei evenementen om over haar werk te praten. Ze reist graag rond, is al in veel landen geweest en was te gast op diverse plekken zoals universiteiten, overheidsorganisaties, maar ook in barbershops en op queer festivals. Eén van de opmerkingen die ze veel hoort, is dat mensen het geweldig vinden om transness genormaliseerd te zien. Sophie wijst erop dat de wereld aan het veranderen is: er lijkt meer bewustzijn te komen over het geslachtsspectrum en meer begrip van wat eens onbekend was. Het werk van Sophie ontwikkelt zich synchroon met deze maatschappelijke bewustwording.

Maar er is ook kritiek. Sophies enigszins sarcastische humor wordt soms verkeerd begrepen. ‘Ik krijg af en toe kritische vragen zoals:”‘We hebben gemerkt dat veel transfoben in je strips niet trans zijn; ben je cisfobisch?”’ Sophie vindt dit even verwarrend als amusant. De kritiek kan ook heftiger zijn. Sophie is meerdere malen slachtoffer geweest van transfobie. ‘Op het net kun je dwaze dingen over mij lezen, samenzweringstheorieën over dat ik niet echt trans ben, en dat ik alleen maar doe alsof zodat ik er een slaatje uit kan slaan’. Neo-nazigroepen hebben Sophie online bedreigd vanwege haar ‘transpropaganda’. De controverse heeft bijgedragen aan meer publieke aandacht en interesse in haar werk, wat Sophie op pragmatisch niveau ziet als een gunstig bijeffect.

Inspiratie

Sophies strips zijn geen autobiografieën, maar ze worden wel geïnspireerd door haar persoonlijke ervaringen als transpersoon, en door die van andere transindividuen. Lezers vragen haar of ze ook een strip Assigned Female gaat maken. Sophie legt uit dat ze transmannen en bijvoorbeeld ook non-binaire personages in haar strips kan laten figureren, maar dat deze niet haar hoofdpersonages worden. Sophie vindt dat anderen de kloof moeten dichten. ‘Anders heb ik het gevoel dat ik de ruimte inneem, die andere personen zouden moeten vullen’.

Alles wat online of in print is verschenen, is zelf-gepubliceerd. Sophie’s ervaring is dat het heel moeilijk is om als publieke persoon op een positieve manier zichtbaar te zijn, als je uit een gemarginaliseerde groep komt. Veel transkunstenaars die bekend worden, raken belemmerd door het impostersyndrome: een psychologisch patroon dat hen doet twijfelen aan hun prestaties. Ondanks successen, raken zij toch niet makkelijk overtuigd van hun eigen talenten en competenties. Zij zijn geneigd de oorzaak van hun succes buiten zichzelf te leggen: toeval, geluk. Volgens Sophie heeft dit te maken met het internaliseren van de negatieve beeldvorming die er lange tijd bestond, en nog steeds bestaat, over transgender personen.

Rolmodellen

Gelukkig is de beeldvorming ten aanzien van transgender personen, in gunstige zin, steeds meer aan het veranderen, merkt Sophie op. Transpersonen die Sophie hebben geïnspireerd, zijn onder anderen actrice Lavern Cox en schrijver Janet Mock. Sophie bewondert de manier waarop deze vrouwen over hun transzijn hebben gesproken, en om wat ze als activist voor hun gemeenschap hebben gedaan. Dit alles heeft zowel Sophies schrijven als haar tekeningen beïnvloed. Ook Alison Bechdel, een pionier tijdens de jaren tachtig in queer comics in de lesbische en queer gemeenschap, is voor Sophie belangrijk geweest. Vooral door de keuze van de publieksdoelgroep, herkent Sophie zich: ook Sophie richt zich met haar werk in eerste instantie op de (eigen) queer en transgemeenschap en minder op het onderwijzen van ‘de maatschappij’. Als een cisvrouw uit het publiek aan Sophie vraagt hoe cispersonen een goede bondgenoot kunnen zijn van transgenders, antwoordt Sophie droog: ‘Koop mijn werk!’