Levensverhalen van transgender ouderen

Tekst Chris Jacobovicz

 

Schrijfster Eveline van de Putte vertelt over het boek Nieuwe Namen dat zij presenteerde op 24 mei:

Foto: Haydi Cameron

‘Mijn boek Stormachtig Stil bevat levensverhalen van ‘roze ouderen’. Naar aanleiding van dat werk ben ik de afgelopen vier jaar door Nederland en Vlaanderen getrokken om te praten over de ervaringen van deze groep ouderen: de Tour d’Amour. Ik bezocht verzorgingshuizen, hogescholen en andere organisaties waar oudere mensen komen of waar met oudere mensen wordt gewerkt. Ik wilde het onderwerp ‘seksuele diversiteit’ en ook ‘genderidentiteit’ ter sprake brengen, om hier meer bewustwording over te creëren. Heel concreet wilde ik met mijn boek en de Tour bijdragen aan een veiliger leefomgeving voor roze én transgender ouderen. Zorg op maat, zorg zonder oordeel, daar gaat het uiteindelijk om. Tijdens die ontmoetingen en bijeenkomsten merkte ik dat men wel een beetje een idee had van wat de letters ‘lhb’ betekenen, maar als ik vroeg naar de ‘t’ dan bleek dat daar eigenlijk nog grote onbekendheid over bestond. Zeker als het ging om de combinatie van ‘transgender’ en ‘ouderen’. Wat ik veel hoorde was: ‘Wij kennen geen transgender ouderen. Bestaan die dan? Nooit gezien!’ Als men al iets wist over transgenders, betrof het jongvolwassenen of kinderen.’

Verborgen groep

‘Dat bracht mij op het idee om een nieuw boek te maken over transgender ouderen; ik wilde deze verborgen groep in beeld brengen en een stem geven. Als deze ouderen niet gezien of gehoord worden, gaan mensen vanzelf denken dat ze er helemaal niet zijn. Maar natuurlijk zijn zij er wel. Deze oudere generatie groeide op in een tijd dat er weinig of niets over het onderwerp ‘transgender’ bekend was, en je er dus met niemand over kon praten. Veel van hen dachten destijds dat ze gek waren, of de enige op de wereld die met dergelijke gevoelens over hun identiteit rondliepen.

Bij Stormachtig Stil had ik twee oudere transvrouwen geïnterviewd, en was ik in contact gekomen met de Vereniging Genderdiversiteit die veel oudere leden heeft. Ik heb ook contact gelegd met Transgender Netwerk Nederland en TransAmsterdam, en nog een aantal andere transgender organisaties. Door die verenigingen en clubs groeide mijn netwerk, en werd het steeds bekender dat ik transgender ouderen – het liefst zo oud mogelijk – zocht voor mijn project. Zo kwam ik uiteindelijk uit op achttien personen die ik aan het woord laat in mijn boek Nieuwe Namen. Er hadden zich via via nog meer mensen aangemeld, de behoefte om te vertellen bleek groot. Ik moest me echter beperken tot een bepaald aantal pagina’s.’

Onbegrip bestrijden

‘Eén van de dingen die me tijdens mijn research zijn opgevallen, is dat er nog veel meer maatschappelijke weerstand is tegen de groep transgender ouderen dan tegen de groep roze ouderen. Dat merkte ik bijvoorbeeld uit reacties op het verhaal van iemand van zeventig jaar die net een geslachtsaanpassende operatie had ondergaan. Opmerkingen als: “Was dat nou wel nodig, op jouw leeftijd nog?” en “Had ze dat niet gewoon kunnen laten, voor die paar jaar nog maar?” Zulke reacties getuigen niet alleen van onwetendheid en onbegrip,ik vind het ook respectloos overkomen. Op zulke momenten probeer ik uit te leggen dat een transitie niet iets is wat je ‘even’ doet, en dat het voor sommige mensen jaren kan duren voordat zij eraan toe zijn om die stap te nemen. Er gaan vaak jaren en jaren van onzekerheid, angst en diep ongelukkig-zijn aan vooraf. Als men dan eindelijk de ruimte heeft om deze stap te zetten, getuigt dat van grote moed. Met meestal een heel gelukkig mens als resultaat. Zoals een geïnterviewde zegt: “Ik had nooit durven hopen dat het nog zou lukken: eindelijk gelukkig worden, eindelijk mezelf!”

Ik heb ook verhalen gehoord over dat een operatie niet mogelijk was door medische problemen. Iedere operatie bevat immers een risico. Dat zo’n lang en vurig gewenste operatie uiteindelijk niet uitgevoerd kan worden, is een zware teleurstelling om te verwerken. Net als onder jongeren, bestaat onder de oudere generatie een groep mensen die geen transitie wenst, maar zich evenmin traditioneel man of vrouw voelt.
En dat vindt de omgeving nog ingewikkelder: “Wat is het nou, een man of een vrouw?” Blijkbaar zijn we zo geconditioneerd dat we hokjes nodig hebben om te begrijpen wat we zien. We moeten leren dat die hokjes achterhaald zijn, dat er goddank zoveel diversiteit is. Dat maakt de samenleving alleen maar mooier, naar mijn idee. Ik probeer met mijn verhalen aan te geven dat het niet altijd belangrijk is, of je iemand totaal begrijpt of niet, maar dat het erom gaat dat je iemand respecteert om wie die is. Het gaat om iemands welbevinden, om zijn of haar geluk!’

Overwinning

‘Wat in bijna ieders verhaal terugkeert, is het gevoel de enige te zijn die met transgendergevoelens rondloopt. Dat heeft vooral te maken met de tijdgeest: vroeger was het bijvoorbeeld nog strafbaar voor een man om in vrouwenkleren te lopen. Je kon met niemand je gevoelens delen. Er waren nog geen tijdschriften of televisieprogramma’s over dit onderwerp, en internet bestond nog niet, dus je kon nauwelijks aan informatie komen. In de jaren tachtig verscheen er wel eens een artikel, meestal met een sensationele ondertoon. Mensen herkenden voor het eerst hun gevoel in zulke verhalen. Eén van de geïnterviewden vertelde mij dat zij de Panorama met daarin een reportage over een transvrouw, onder haar matras verstopt had, bang dat iemand het zou vinden. Een ander had het betre ende artikel uitgeknipt en jarenlang met zich meegedragen. Veel van de transgender ouderen hebben met enorme eenzaamheid te kampen gehad. Herkenning is erg belangrijk, en als reactie op Nieuwe Namen heb ik veel gehoord: “Als ik zo’n boek had gehad toen ik jonger was, dan was ik niet zo lang opgesloten gebleven in mijn mannenpak.” Bijna alle verhalen eindigen uiteindelijk wel met de overwinning: eindelijk jezelf kunnen zijn.’

Diversiteit

‘Voor dit boek heb ik me bewust gericht op zowelde diversiteit binnen genderidentiteit, als binnen culturele identiteit. Helaas bleek het erg moeilijk om biculturele transgenders boven de vijftig jaar te vinden.
Ook heb ik het verhaal opgeschreven van de partner van een transvrouw. Ze waren al vijfenveertig jaar getrouwd toen haar ‘man’ uit de kast kwam als vrouw. Zij is tot de dood van haar partner bij haar gebleven. Ik had ook graag een vader, moeder of kind van een oudere transpersoon willen interviewen, maar ik moest jammer genoeg ergens grenzen trekken, anders werd het boek te lijvig. Achterin mijn boek vind je een gedegen nawoord van doctor Paula Vennix, psycholoog, sociaal-seksuologisch onderzoeker, transgenderdeskundige, transgender. Zij gaat onder andere in op de verschillen tussen transgender ouderen en jongeren. Er is ook een verklarende woordenlijst in het boek opgenomen, waardoor de leesstof breder toegankelijk is. Zo wordt het boek meer dan alleen een verhalenbundel, en kan het bijvoorbeeld ingezet kan worden als lesmateriaal op opleidingen en cursussen.’

Het boek Nieuwe Namen: Levensverhalen van transgender ouderen is te koop in boekwinkels en via alle bekende verkoopwebsites en via uitgeverij De Brouwerij .